De werkwijze van de VBV

In de VBV worden op (regionaal) recreatieniveau de biljartspelsoorten Libre en Driebanden gespeeld. De libre-teams bestaan uit vier spelers, de Driebandenteams uit drie spelers. De moyennes voor het Libre worden berekend op basis van 30 beurten, voor het Driebanden is dit 50 beurten.

De Libre competitie bestaat uit 3 klassen, te weten A – B – C  waarbij wordt uitgegaan dat de spelers de volgende minimum-moyennes moeten spelen:

1e speler 2e speler 3e speler 4e speler
Libre -A 50 40 35 25
Libre -B 40 35 25 20
Libre -C 25 20 17 15

De Driebanden competitie bestaat uit 1 klasse waarbij wordt uitgegaan dat de spelers de volgende minimum moyennes moeten spelen:

1e speler 2e speler 3e speler
3-banden 19 17 15

Uitgaande van bovenstaande minimaal te spelen caramboles worden de teams die zich jaarlijks inschrijven ingedeeld in een klasse van hun eigen niveau, wat uiteraard het speelplezier ten goede komt.
Nieuwe spelers worden ingeschat door het spelen van voorwedstrijden, zij zijn echter ongecontroleerd als zij aan de competitie gaan deelnemen. Ook ongecontroleerd zijn die spelers die twee jaar of langer niet of  nauwelijks aan de competitie hebben deelgenomen.
Het aantal te maken caramboles kan tijdens de competitie gewijzigd worden. Na twee of drie partijen maar tenminste na vijf partijen wordt bekeken of aanpassing van het aantal te maken caramboles nodig is, spelers worden hiervan persoonlijk op de hoogte gebracht.
Jaarlijks wordt ook een beker toernooi gespeeld (tussen de competitierondes door), dit is opgezet als een champions league indeling in poules waarbij natuurlijk wel tegen teams uit andere klassen wordt gespeeld. Ook worden er drie Persoonlijke Kampioenschapsrondes gespeeld in weken waarin de competitie stil ligt. Hier worden poules van zes geformeerd (op basis van moyenne) waarbij de poulewinnaars aan het einde van het seizoen finales spelen.